Belangrijke boodschap: Volg hier onze updates over het Coronavirus.

'Uit het parlement': Meer praktijktesten op komst, maar ze heten anders

Nieuws 29 januari 2021
Detail page

De laatste ministerraad voor het kerstreces is altijd een ijkpunt. Op dat moment komen de politiek meest gevoelige dossiers aan bod. Deze keer ging vooral veel aandacht uit naar de ‘correspondentietesten’. Niet onbegrijpelijk, als je terugdenkt aan de onenigheid enkele maanden terug binnen de Vlaamse regering. De upshot: er zal vaker getest worden op discriminerend gedrag. Al zal dat op de private huurmarkt via de omweg van de lokale besturen (blijven) gebeuren.

Het debat over de praktijktesten en breder de bestrijding van discriminatie op de arbeidsmarkt en de woonmarkt woedt al langer. Doorheen de jaren is het alleen maar sterker gepolariseerd. In het parlement is de kloof tussen voor- en tegenstanders van praktijktesten dermate gegroeid dat het stilaan een loopgravenoorlog lijkt.

Dat was zelden duidelijker dan enkele maanden terug. Toen werd door de meerderheidspartijen een resolutie gestemd waarin de Vlaamse regering de opdracht werd gegeven een sterker antidiscriminatiebeleid uit te bouwen. Eén aspect daarvan moest een sterkere monitoring zijn. Over de methode om die monitoring uit te bouwen waren de violen echter niet gelijkgestemd. Een globaal Vlaams initiatief om dat aan de hand van praktijktesten te doen genoot geen consensus. 

Daarop besliste minister van Samenleven Bart Somers (Open VLD) om zelf met een initiatief te komen, binnen zijn eigen bevoegdheden: hij riep de lokale besturen maximaal op om praktijktesten uit te voeren en stelde zelfs een budget ter beschikking. Na crisisoverleg besliste de Vlaamse regering om de pauzeknop in te drukken. Een expertencommissie werd belast om een advies uit te schrijven over hoe de monitoring best georganiseerd zou worden. 

‘Correspondentietesten’

Dat advies werd begin december opgeleverd, waarna het dossier weer klaar was voor behandeling door de regering. Wat niemand mocht verrassen, werd realiteit: het rapport van de academici schoof ‘correspondentietesten’ als beste methode naar voren.

Die term wordt al jaren gebruikt binnen wetenschappelijke kringen, maar krijgt nu een wat prominentere rol. Praktijktesten bestaan in twee versies: schriftelijk of situationeel. Met situationeel wordt bedoeld dat er zich effectief iemand (een acteur) fysiek als kandidaat-huurder aandient. Die vorm van praktijktesten wordt nog maar zelden gebruikt. 

Bij de schriftelijke versie van praktijktesten wordt via mail om een plaatsbezoek gevraagd door twee (fictieve) personen, waarvan bijvoorbeeld één met een migratie-achtergrond en de andere met een Belgisch klinkende naam. Dit is verreweg de meest gebruikte methode, heden aangewend door een toenemend aantal centrumsteden.

De terminologie is dan ook een handigheidje: door te spreken van correspondentietesten kan het verbrande woord ‘praktijktesten’ uit de communicatie gebannen worden. In de feiten gaat het echter daarover. Politieke commentatoren rolden over zichzelf om daarop te wijzen. Toch is het niet slecht dat er een alternatieve term bestaat. Als dat helpt om het terug over de inhoud van het beleid te hebben in plaats van over symbooldiscussies, is een semantische wijziging niet eens zo negatief.

Sensibiliserend

Al was het maar omdat we zo wat concreter kunnen gaan kijken naar wat het rapport voorstelt: correspondentietesten ter monitoring en sensibilisering. Van het verbinden van bestraffing aan de praktijktesten is geen sprake. Meer zelfs, het is de bedoeling dat de praktijktesten kunnen passen in zelfregulering. Zeker op de arbeidsmarkt zijn het de sectorfederaties die ermee aan de slag moeten gaan, niet de Vlaamse administratie.

Let wel, aan de experten was expliciet gevraagd om zich te beperken tot de luiken monitoring en sensibilisering. Bestraffing viel buiten de scope van het advies. Als je kijkt naar aanbevelingen uit het verleden zien de experten praktijktesten echter liefst ook voor de rechtbanken gebruikt worden, als sluitstuk op de handhaving. Vergeet in deze niet dat er recent tuchtuitspraken en rechterlijke vonnissen zijn geweest waarin sancties werden opgelegd op grond van praktijktesten.

Beslissing Vlaamse regering

Vlak voor Kerstmis moest de Vlaamse regering gaan bepalen wat men nu met dit alles zou aanvangen. Wat uit de bus kwam, was een verdeling naargelang het beleidsdomein. Elke betrokken minister mocht op het eigen speelveld de lijnen uitzetten. 

Minister van Economie Hilde Crevits gaat over de arbeidsmarkt en besliste om te sleutelen aan de sectorconvenanten: daardoor moeten de sectororganisaties (waaronder Federgon voor de uitzendmarkt) zelf aan de slag met de correspondentietesten.

Matthias Diependaele, bevoegd voor Wonen en dus de huurmarkt, gaat niet mee in het verhaal. Hij zal op Vlaams niveau geen correspondentietesten uitvoeren, ook niet bij wijze van monitoring. In het parlement werd hij uiteraard bevraagd naar het waarom van die beslissing. Zijn antwoord: “Het zal u niet verbazen, aangezien ik dat ook meermaals heb aangehaald, dat ik voorstander ben van een antidiscriminatiebeleid dat gedragen wordt door de volledige sector. Omdat er binnen de sector geen eensgezindheid bestaat over het invoeren van praktijktesten, en er bovendien ook eerder veel tegenkanting is, is gekozen om in te zetten op zelfregulering en sensibilisering. Het convenant met de sector rond zelfregulering is ook nog maar pas eind vorige legislatuur ondertekend. Ik wil dat dus de nodige tijd en kansen geven. Maar zoals ik ook al meermaals heb aangehaald, is dat convenant niet vrijblijvend.”

Derde speler is minister Somers. Die is onder meer bevoegd voor ambtenarenzaken en liet er geen twijfel over bestaan dat er correspondentietesten zullen komen om het aanwervingsbeleid van de Vlaamse overheid te testen.

Consequenties

Correspondentietesten inzetten om te monitoren en te sensibiliseren is gevalideerd door een expertencommissie. Steden en gemeenten krijgen daarbij het signaal dat ze zelf mogen/moeten trancheren. En op de arbeidsmarkt en bij de Vlaamse overheid steekt men ermee van wal. Ook de minister van Wonen betwist niet dat de lokale besturen met correspondentietesten aan de slag kunnen gaan, zo zij dit willen.

Een goede verstaander ziet de trend van de afgelopen jaren alleen maar versnellen. Al heel wat centrumsteden hebben het ‘Gentse voorbeeld’ gevolgd door studies met praktijktesten te bestellen en in de media onder de aandacht te brengen. Antwerpen is het recentste voorbeeld en volgde net na Mechelen. Ook in Leuven zit men niet stil. Het pad was dus reeds geëffend. En de Vlaamse regering heeft met kerst de deur, die reeds op een kier stond, helemaal opengezet. 

Conclusie:

Of ze nu praktijktesten of correspondentietesten heten, de kans is nu groter dan ooit tevoren dat je ermee in aanraking komt. Misschien dan via de omweg van de steden en gemeenten, maar het resultaat is hetzelfde.


Structurele partners

BTVBTVBTVBTVBTVBTVBTV

Nieuwsbrief

Blijf op de hoogte

Deze browser is niet compatibel met CIB Vlaanderen. Gebruik een andere browser om onze website te kunnen gebruiken.