We bundelen hieronder de meest gestelde vragen, mét het correcte antwoord erop.
Vindt u geen antwoord op uw vraag? Mail dan uw vraag naar toerisme@cib.be.
We zorgen spoedig voor een antwoord en voegen vraag en antwoord daarna toe op deze pagina.
1.2 Welke toeristische logies vallen niet onder de toepassing van dit decreet?
1.3 Welke sancties volgen indien een niet-aangemelde vakantiewoning toch verhuurd wordt?
1.4 Promotie van de aangemelde en vergunde vakantiewoningen door Toerisme Vlaanderen?
2.3 Hoeveel kost een aanmelding van een vakantiewoning?
2.4 Aanmeldingsformulier: Enkel in het Nederlands?
2.5 Aanmeldingsformulier: Gegeven ‘Beroep eigenaar/uitbater’ verplicht?
2.6 Aanmeldingsformulier: Gegeven ‘Gemachtigde’ = commercieel bureau?
2.7 Aanmeldingsformulier: Gegeven ‘Rijksregisternummer’ verplicht?
2.8 Machtigingsformulier bij Toeristisch verhuurkantoor?
2.9 Geen brandveiligheidsattest nodig bij een aanmelding?
2.10 Krijgt een aangemelde woning controle van Departement internationaal Vlaanderen?
2.11 Domicilie van eigenaar op de vakantiewoning?
2.12 Wat bij een vakantiewoning die per jaar verhuurd wordt?
2.13 Wat bij start verhuring vakantiewoning na 01.01.2011?
2.14 Wat bij stopzetting verhuring aangemelde vakantiewoning?
2.15 Hoe de aanmeldingsgegevens van een vakantiewoning wijzigen?
2.16 Hoe verloopt de aanmelding van een vakantiewoning in pluri-eigendom?
2.17 Wat bij verkoop van een aangemelde vakantiewoning?
3.2 Hoe kan ik een vakantiewoning laten vergunnen?
3.3 Hoeveel kost een vergunning van een vakantiewoning?
3.4 Moet een bewijs van goed zedelijk gedrag worden toegevoegd bij een vergunningsaanvraag?
3.5 Krijgt een vergunde vakantiewoning controle van Departement internationaal Vlaanderen?
3.7 Wat bij stopzetting verhuring vergunde vakantiewoning?
3.8 Wat bij overname vergunde vakantiewoning?
4 BRANDVEILIGHEID
4.1 Brandveiligheidsnormen: ook van toepassing bij een aanmelding?
4.2 Brandveiligheid: Elektriciteitskeuring 5-jaarlijks?
4.3 Brandveiligheid: Moet een elektriciteitskeuring, gas- en verwarmingsattest worden
toegevoegd bij vergunningsaanvraag?
4.4 Brandveiligheid: Bij wie vraag ik een brandveiligheidsattest aan?
4.5 Geldigheidsduur brandveiligheidsattest?
4.6 Brandveiligheid: Wat met het brandveiligheidsattest na renovatie- of andere werken?
4.7 Brandveiligheid: Eén blusapparaat per vakantiewoning voldoende?
4.8 Brandveiligheid: Eén rookdetector per vakantiewoning voldoende?
4.9 Weigering brandveiligheidsattest: beroep of afwijkingsmogelijkheden?
4.10 Opmaak logboek ‘Onderhoud en controles’?
4.11 Wat is een plattegrond op schaal?
4.12 Moeten er brandinstructies ophangen in de vakantiewoning?
4.13 Hoe de vergunningsgegevens van een vakantiewoning wijzigen?
5.1 Geen stedenbouwkundig document nodig bij een aanmelding/vergunning voor 2012?
5.2 Wat is een stedenbouwkundig attest?
5.3 Wat is een stedenbouwkundig uittreksel?
5.4 Wat is een kadastrale legger?
6 VERZEKERING BURGERLIJKE AANSPRAKELIJKHEID
6.1 Wat moet de verzekering burgerlijke aansprakelijkheid dekken?
7.1 Word ik beschouwd als ‘handelaar’ bij het verhuren van mijn vakantiewoning?
7.2 Betaal ik belastingen op de verhuurinkomsten van mijn vakantiewoning?
8 ENERGIE
8.1 Heb ik een EPC nodig voor de verhuur van mijn vakantiewoning?
Sinds 1 januari 2010 is het nieuwe Logiesdecreet van kracht. Het decreet legt nieuwe regels op aan alle toeristische logiesvormen in Vlaanderen, zo ook aan de vakantiewoningen. Voor wie zijn/haar tweede verblijf zonder enige vorm van promotie en enkel aan « bekenden » verhuurt, zoals familie en vrienden, geldt deze regelgeving niet. Van zodra de woning op de toeristische markt wordt gebracht (in de breedste zin van het woord), is de nieuwe wetgeving wel van toepassing.
Sinds 1 januari 2011 moet elke vakantiewoning die op de toeristische markt wordt aangeboden en verhuurd zijn aangemeld bij het Departement internationaal Vlaanderen.
Bij de verhuring van een niet-aangemeld appartement is vanaf 01.01.2011 dan ook sprake van een illegale uitbating/verhuring. Aan de exploitant/eigenaar kan bij vaststelling van deze inbreuk een administratieve geldboete worden opgelegd, gaande van 250 tot 25.000 euro. Daarnaast kan, na voorafgaande schriftelijke ingebrekestelling én nadat de exploitant het recht werd geboden om gehoord te worden, de onmiddellijke stopzetting van de verhuur bevolen worden.
Op vraag van het Adviescomité, gaf Minister van Toerisme op 14 juli 2010 toestemming om niet enkel vergunde maar ook aangemelde (niet-vergunde) vakantiewoningen te promoten tot eind 2012 (in plaats van eind 2010) als overgangsmaatregel.
Om uw vakantiewoning aan te melden, zijn er drie mogelijkheden:
1. Bezorg het ingevuld aanmeldingsformulier, dat door CIB specifiek voor de toeristische verhuurkantoren werd opgesteld, aan Departement internationaal Vlaanderen:
- Per mail naar logies@iv.vlaanderen.be
- Per fax naar 02 553 29 00
- Per aangetekende post naar Departement internationaal Vlaanderen – Dienst Toeristische Vergunningen – Boudewijnlaan 30 bus 80 – 1000 Brussel
2. U kan uw vakantiewoning digitaal aanmelden via het VLIS (Vlaams Logies Informatiesysteem) van Departement internationaal Vlaanderen.
3. U kunt als verhuurkantoor sinds begin november ook collectief (d.w.z. in één beweging) aanmelden via de CIB Kruispuntbank. Deze werkwijze biedt naar de toekomst toe meer perspectieven dan bovenstaande procedures én is veel minder omslachtig. Voor meer informatie, mail naar toerisme@cib.be
Het logiesdecreet legt aan vakantiewoningen o.a. regels op inzake onderhoud en hygiëne, (brand)veiligheid en comfort. Bij de aanmelding van een vakantiewoning, verklaart men op erewoord dat de vakantiewoning aan de verschillende voorwaarden voldoet.
Een correct onderhouden vakantiewoning zal vlot aan de aanmeldingsvoorwaarden voldoen, zonder een grote meerkost, gezien de meeste keuringen/attesten reeds voor de invoering van het logiesdecreet verplicht waren.
Het aanmeldingsformulier van Departement internationaal Vlaanderen bestaat uitsluitend in het Nederlands. Dit departement heeft zich te houden aan de taalwetgeving in België. Die regelt het taalgebruik van de ambtelijke diensten onderling, zowel als het taalgebruik van de diensten met de burger. De taalwet bepaalt dat het Departement internationaal Vlaanderen uitsluitend de eigen Nederlandse taal mag hanteren, zo ook in hun formulieren enz. Zo is het officiële aanmeldingsformulier niet rechtsgeldig als het niet in het Nederlands is en kan het door DiV niet worden aanvaard.
CIB voorziet wel een machtigingsformulier in het Frans en Duits. Daarin werd exact dezelfde formulering overgenomen als op het officieel aanmeldingsformulier omwille van de rechtsgeldigheid. Daarnaast wordt het logiesdecreet in het Frans en Duits verduidelijkt via de respectievelijke websites: http://www.cib.be/tourisme en http://www.cib.be/ tourismus
Op het aanmeldingsformulier is het gegeven ‘beroep eigenaar/uitbater ’een verplicht in te vullen veld, gezien deze informatie decretaal verplicht is (Art. 5, § 2, 1° van het Logiesdecreet).
Op het aanmeldingsformulier komt bij ‘Gemachtigde’ de naam en het adres van het commercieel bureau van het toeristische verhuurkantoor (en niet de naam en het adres van de maatschappelijk zetel).
Het rijksregisternummer is geen verplicht gegeven op het aanmeldingsformulier van Departement internationaal Vlaanderen. Op het aanmeldingsformulier van CIB werd daarom het rijksregisternummer niet vermeld.
De CIB machtigingsformulieren moeten nooit naar Departement internationaal Vlaanderen worden opgestuurd, maar worden bijgehouden in de Toeristische Verhuurkantoren. Dit is geen officieel aanmeldingsformulier.
Voor de aanmelding van een vakantiewoning is geen brandveiligheidsattest, dat op basis van een controle van AIB-Vinçotte door de burgemeester wordt afgeleverd, nodig.
Bij de aanmelding wordt wel op ere verklaard dat de vakantiewoning in orde is met de brandveiligheidsnormen uit Bijlage 2 (link) (wanneer de maximale capaciteit max. 10 personen bedraagt). Zo moet de elektriciteitskeuring gedaan zijn, de controle op gastoevoerleidingen, moet een brandblusser en branddetectie aanwezig zijn enz.
Het gaat steeds over de brandveiligheid in de vakantiewoning zelf. Alle voorzieningen in de gemeenschappelijke delen moeten niet gekeurd worden in het kader van het logiesdecreet. Dus in de gemeenschappelijke kelder van een appartementsgebouw moeten de branders niet gekeurd worden. Indien de brander in de kelder van een alleenstaande vakantiewoning staat, dan moet die brander wel gekeurd worden omdat de kelder deel uitmaakt van de vakantiewoning zelf.
Voor de vergunning van een vakantiewoning is een brandveiligheidsattest wel nodig (zie verder).
Een controle van een aangemelde vakantiewoning is mogelijk, ofwel spontaan ofwel na een klacht.
Een van de basisvoorwaarden waaraan een vakantiewoning moet voldoen om aangemeld te zijn bij Departement internationaal Vlaanderen, is het feit dat domicilie er niet mogelijk is voor de huurders/toeristen. Het decreet maakt hierin geen onderscheid in de verschillende vormen van toerisme, zoals zakentoerisme, recreatietoerisme enz. Personen die in Vlaanderen komen werken voor een bepaalde tijd, mogen er hun domicilie dus NIET hebben. De eigenaar en familieleden tot en met de derde graad van verwantschap van een vakantiewoning daarentegen mogen er wel hun domicilie hebben.
M.a.w. wat indien de exploitant een jaarhuurder is die bijvoorbeeld elk jaar zijn huurwoning 2 maand onderverhuurt als vakantiewoning? Ook hier gelden de aanmeldingsvoorwaarden zoals vermeld in het Logiesdecreet. Hier is het de ‘jaarhuurder’ die exploitant is en hij is evenveel verantwoordelijk als wanneer de exploitant tegelijk ook de eigenaar van de woning is.
Indien men pas na 31.12.2010 een vakantiewoning wenst te verhuren, dan kunnen die vakantiewoningen in 2011 worden aangemeld. Er mag evenwel geen promotie gebeuren van die vakantiewoningen voordat ze zijn aangemeld.
Aangemelde vakantiewoningen waarvan de exploitatie wordt stopgezet en de exploitant niet verder wenst te verhuren, kunnen “afgemeld” worden. De exploitant van het toeristische logies of zijn gemachtigde meldt in dit geval de stopzetting onmiddellijk aan Departement internationaal Vlaanderen met een aangetekende brief, per fax of elektronisch als dat een ontvangstbewijs van de geadresseerde oplevert.
Aanmeldingen via CIB Kruispuntbank kunnen via de module 'stopzetting exploitatie' eenvoudig afgemeld worden.
Wanneer bijvoorbeeld de vakantiewoning verkocht wordt, dan dienen de gegevens van de eigenaar gewijzigd worden in het aanmeldingsdossier van de vakantiewoning. Een wijziging moet binnen de 30 kalenderdagen nadat de wijziging zich heeft voorgedaan, gemeld worden aan Departement internationaal Vlaanderen (door het toeristisch verhuurkantoor) door middel van een aangetekende brief, per fax of elektronisch. U dient een ontvangstbewijsje van Departement internationaal Vlaanderen te hebben.
Bij pluri-eigendom van een vakantiewoning, dient de aanmelding gebeuren door één van de eigenaars. Het is hierbij belangrijk om op het aanmeldingsformulier aan te geven welke periodes deze vakantiewoning te huur wordt aangeboden en wie voor welke periode als eigenaar/uitbater kan aangeduid worden. Dit kan bij het gegeven: "Omschrijving van het toeristisch logies".
De vakantiewoning is rechtstreeks aangemeld bij het Departement internationaal Vlaanderen
Een wijziging moet binnen de 30 kalenderdagen nadat de wijziging zich heeft voorgedaan, gemeld worden aan Departement internationaal Vlaanderen (door het toeristisch verhuurkantoor) door middel van een aangetekende brief, per fax of elektronisch. U dient een ontvangstbewijsje van Departement internationaal Vlaanderen te hebben.
De vakantiewoning is aangemeld via de CIB-Kruispuntbank
Bezorg het ingevuld aanvraagformulier voor een vergunning aan Departement internationaal Vlaanderen én voeg de nodige documenten bij de aanvraag:
Momenteel is het nog niet mogelijk een vakantiewoning te laten vergunnen via het digitale loket van VLIS.
Vanaf juni 2012 zal collectief vergunnen via de CIB-Kruispuntbank mogelijk zijn.
Bij de vergunning van een vakantiewoning moet aan dezelfde voorwaarden worden voldaan als bij de aanmelding, maar hier moet een volledig administratief dossier van attesten en documenten worden samengesteld en opgestuurd richting Departement internationaal Vlaanderen, waarmee men kan bewijzen dat de vakantiewoning in orde is. De kostprijs voor een vergunning is dus beperkt tot de kostprijs voor het opvragen van de noodzakelijke documenten, zoals bijvoorbeeld brandveiligheidsattest, kopie stedenbouwkundige vergunning,…
Indien daarnaast de vakantiewoning voldoet aan strengere comfortclassificaties, komt de vakantiewoning uiteraard in aanmerking voor een hogere comfortclassificatie (hoger aantal sterren).
Een bewijs van goed zedelijk gedrag moet niet worden toegevoegd aan een vergunningsdossier. Dit moet enkel ter beschikking zijn bij navraag van Departement internationaal Vlaanderen.
Bij een vergunning is er een systematische inspectie door de inspecteurs van Departement internationaal Vlaanderen voorzien om de classificatienormen en exploitatienormen te controleren. Tijdens deze controle ter plaatse, wordt door de inspecteurs ook het aantal sterren toegekend (comfortclassificatie).
Toelichting bij de comfortnormen
Om een vakantiewoning te laten vergunnen, bezorgt u Departement internationaal Vlaanderen een aanvraagformulier samen met het volledige administratieve dossier. DiV bezorgt u een ontvangstmelding en komt inspecteren. Normaal moet je binnen de 30 werkdagen na de datum van de ontvangstmelding, op de hoogte worden gebracht van de beslissing tot toekenning of weigering van de vergunning. Hoort u echter niets binnen die termijn, dan wordt de woning geacht te zijn toegekend in de aangevraagde categorie en voor de laagste comfortclassificatie.
De exploitant of zijn gemachtigde (toeristisch verhuurkantoor) van de vergunde vakantiewoning waarvan de exploitatie wordt stopgezet, meldt die stopzetting onmiddellijk aan Departement internationaal Vlaanderen. Dat kan met een aangetekende brief, per fax of elektronisch .... zolang het u maar een ontvangstmelding oplevert.
Als overnemer bij overdracht van de exploitatie van een vergunde vakantiewoning, moet u binnen 30 kalenderdagen na de overname, een vergunning aanvragen van Departement internationaal Vlaanderen volgens de geijkte procedure (zie boven).
4. BRANDVEILIGHEID
Enkel bij een vergunning is een brandveiligheidsattest verplicht, maar ook bij een aanmelding verklaart de exploitant dat de vakantiewoning voldoet aan alle verplichte brandveiligheidsnormen.
De algemene wetgeving (AREI) voorziet een keuring van elektrische installaties om de 25 jaar. Het Logiesdecreet is strenger en stelt dat de keuring van een elektrische installatie van een toeristische vakantiewoning 5-jaarlijks dient te gebeuren en dit mag enkel door een externe dienst voor technische controle.
De elektriciteitskeuring, gasattest en verwarmingsattest moeten niet toegevoegd worden aan een vergunningsdossier.
De aanwezigheid van een elektriciteitskeuring, gasattest, verwarmingsattest etc. wordt ter plaatse (in het verhuurkantoor of door de exploitant of in de woning zelf) gecontroleerd door AIB-Vinçotte. AIB Vinçotte maakt een controleverslag en stuurt dit door naar de burgemeester. De burgemeester beslist op basis van het controleverslag of hij al dan niet een brandveiligheidsattest uitreikt.
Het feit dat de woning over een elektriciteitskeuring en gas- en verwarmingsattest beschikt, wordt dus aangetoond door het brandveiligheidattest. Dit is het enige document inzake brandveiligheid dat moet worden toegevoegd aan het vergunningsdossier.
Afhankelijk van de categorie en de capaciteit van het toeristisch logies vraagt men een brandveiligheidsattest aan bij ofwel AIB-Vinçotte (wanneer je moet voldoen aan de normen bepaald in Bijlage 2 van het Brandveiligheidsbesluit), ofwel bij de burgemeester van de gemeente waar het logies gelegen is (wanneer je moet voldoen aan de normen bepaald in Bijlage 3 of Bijlage 5 van het Brandveiligheidsbesluit).
Voor Bijlage 2 zal AIB-Vinçotte de brandveiligheid komen controleren, voor de andere Bijlagen is dat de lokale brandweer. AIB Vinçotte werd door de overheid aangesteld om de toepassing van deze bijlage te controleren in kleinschalige logies.
Deze instanties bezorgen hun controleverslag aan de burgemeester. In beide gevallen, wordt het attest uitgereikt door de burgemeester van de gemeente waar het logies gelegen is. Dit gebeurt ten laatste drie maand na het indienen van de aanvraag.
Aanvraagformulier Controle Vinçotte
Bij het aanvragen van de vergunning, mag het bijgevoegde brandveiligheidsattest niet ouder zijn dan één jaar. Het blijft wel geldig voor een periode van zeven jaar. Die termijn gaat in vanaf de datum van aflevering (vermeld op het attest). Tijdens de overgangsperiode blijft het reeds afgeleverde brandveiligheidsattest geldig tot de vervaldag als er in de vakantiewoning sinds de afgifte ervan geen wijzigingen gebeurd zijn.
Per vakantiewoning is een aparte aanvraag voor een brandveiligheidsattest nodig. Er is wel mogelijkheid tot een combinatiecontrole door AIB-Vinçotte ‘in hetzelfde gebouw’, wat meteen ook een effect heeft op de prijszetting.
Na renovatie-, herinrichtings- en uitbreidingswerken, ook van de gemeenschappelijke ruimten, vervalt het bestaande brandattest van rechtswege. Binnen de 30 kalenderdagen na het beëindigen van de werken, dien je een nieuwe aanvraag in. De geldigheidsduur van het bestaande brandveiligheidsattest wordt verlengd tot aan het einde van de behandeling van de hernieuwingsaanvraag, inclusief een mogelijke beroeps- of afwijkingsprocedure.
Als je werken uitvoert in of op een toeristisch logies dat al een geldig brandveiligheidsattest heeft, dan kan de burgemeester een vereenvoudigd brandveiligheidsattest afleveren waaruit blijkt dat de uitgevoerde werkzaamheden overeenkomen met de brandveiligheidsnormen. Dan blijft het bestaande brandveiligheidsattest geldig voor de ongewijzigde toestand van het toeristisch logies gedurende de overblijvende geldigheidsduur. De geldigheidsduur van het vereenvoudigde brandattest wordt beperkt tot de overblijvende geldigheidsduur van het initiële brandveiligheidsattest.
Er moet per vakantiewoning of ‘in de onmiddellijke nabijheid’ minimum één brandblusser aanwezig zijn voor een oppervlakte van 150 m². Is de vakantiewoning groter dan 150 m², dan moeten er meer blussers zijn. Is de vakantiewoning kleiner dan 150 m², dan blijft de norm: één brandblusser.
De uitdrukking ‘in de onmiddellijke nabijheid’ wil zeggen dat het blusapparaat ook op de gang van de woning mag staan ipv in de woning zelf, wat bijvoorbeeld voor jaarlijkse controle van de blussers makkelijker is. Maar ook daar blijft de regel: per vakantiewoning minimum één brandblusser.Komen er m.a.w. twee vakantiewoningen uit op eenzelfde gang, dan moeten er twee brandblussers zijn.
Is de vakantiewoning groter dan 150 m² dan kan er, naast de brandblusser, als tweede brandbestrijdingsmiddel een brandhaspel voorzien worden.
Het gaat telkens om een blusapparaat mat capaciteit van 6 kg ABC-poeder of gelijkwaardig.
Eén rookdetector per appartement is voldoende. Bestaat de vakantiewoning uit een beneden- en bovenverdieping, dan moet er een rookdetector per verdieping aanwezig zijn.
Punt 3.4. uit Bijlage 2 van het Brandveiligheidsbesluit stelt dat “minstens de nachthal voor de ruimten waarin wordt overnacht, wordt uitgerust met een of meerdere autonome branddetectoren”. Is er een divanbed in de woonkamer en is de woonkamer naast de gang (nachthal) gelegen, dan hoeft er geen branddetector aanwezig te zijn in de woonkamer. Bevindt de woonkamer zich verder, dan is een rookdetector noodzakelijk.
Wanneer de burgemeester beslist een brandveiligheidsattest te weigeren of in te trekken, kan de exploitant van een toeristisch logies beroep aantekenen bij de minister van Toerisme. Ook wanneer de exploitant binnen de drie maanden het attest nog niet ontvangen heeft, kan beroep worden aangetekend. Enkel in dit laatste geval is het beroep opschortend.
De minister kan ook afwijkingen van specifieke brandveiligheidsnormen toelaten, op voorwaarde dat het brandveiligheidsniveau van de vakantiewoning voldoende gewaarborgd blijft. Een toegestane afwijking blijft geldig, ook als het brandattest vervalt, zolang de toestand waarvoor de afwijking werd gekregen, ongewijzigd blijft.
Het logboek, waarin de data van de controles en de vaststellingen tijdens de controles worden bijgehouden, dient als bewijs bij controle. Dit kan bijvoorbeeld een tabel zijn met bijvoorbeeld controle van de trappen + de verschillende data waarop de trappen gecontroleerd zijn. Indien er bevindingen zouden zijn dat iets niet in orde zou zijn, dient dit ook in dit logboek genoteerd worden bij de datum waarop dit werd opgemerkt.
Het logboek mag zowel in het verhuurkantoor als in de vakantiewoning zelf liggen.
Een plattegrond is een schematische afbeelding van een ruimtelijk gebied of object op een plat vlak in een verkleinde schaal. Een plattegrond geeft een plaats aan en is over het algemeen als bovenaanzicht gepresenteerd, soms ook in vogelperspectief.
Bij de vergunningsaanvraag van een vakantiewoning, moet een plattegrond in viervoud worden toegevoegd. De plattegrond kan je zelf tekenen of dit laten doen door een architect. Belangrijk is dat de plattegrond aan volgende voorwaarden voldoet:
TIP! Gebruik een legende én maak, indien mogelijk, gebruik van kleuren.
Met het gratis software-programma op www.floorplanner.nl kan je een duidelijke plattegrond maken.
Vergeet wel niet de trappen, evacuatiewegen en nooduitgangen aan te duiden.
In elke aangemelde of vergunde vakantiewoning moeten er brandinstructies ophangen. Bij de topic 'Handige documenten' kan u verschillende voorbeeldb-instructies raadplegen waarop alle verplichte informatie volgens het Logiesdecreet vermeld staat.
.
Wanneer bijvoorbeeld de vakantiewoning verkocht wordt, dan dienen de gegevens van de eigenaar gewijzigd te worden in het vergunningsdossier van de vakantiewoning. Binnen 30 kalenderdagen na de wijziging, moet dit door het Toeristisch Verhuurkantoor gemeld worden aan Departement internationaal Vlaanderen. Dit kan via brief, fax of elektronisch, zolang het een ontvangsbewijsje oplevert.
Bij het indienen van een aanmeldings- of vergunningsdossier van een vakantiewoning voor eind 2012, zal geen stedenbouwkundig document gevraagd worden. De nieuwe regeling betekent uiteraard niet dat mensen zich kunnen onttrekken aan de regelgeving inzake ruimtelijke ordening.
Het stedenbouwkundig attest is een document dat wordt afgeleverd door het college van burgemeester en schepenen. Op basis van een plan geeft het aan of het overwogen project en de modaliteiten ervan in aanmerking komen voor een stedenbouwkundige vergunning.Het stedenbouwkundig attest kan worden aangevraagd voor de verkavelingsvergunning of stedenbouwkundige vergunning aangevraagd wordt.
Het gaat in feite om een principiële goedkeuring. Het is een beslissing waarin het College stelt dat een aanvraag voor vergunning in aanmerking zou kunnen komen. Het attest zelf is twee jaar geldig. Dit attest kan van belang zijn voor een uitbating die beoogd wordt, maar niet om de stedenbouwkundige conformiteit te beoordelen van een inrichting die al in uitbating is.
Het stedenbouwkundig uittreksel bestaat uit een informatief uittreksel uit het plannenregister en uit het vergunningenregister voor de percelen waarvoor de aanvraag ingediend werd. Het plannen- en vergunningenregister zijn door de gemeenten op te maken databanken, maar zijn voor een groot deel van de gemeenten nog in opmaak.
De kadastrale legger geeft een omschrijving van de percelen per kadastrale gemeente of kadastrale afdeling van een gemeente. Het is een register met fiches (artikelen) waarbij de percelen per gemeente of per kadastrale afdeling van een gemeente, gegroepeerd zijn onder de naam, voornaam, eventueel zakelijk recht, adres, van een eigenaar of een groep personen die gezamenlijk een eigendomsrecht uitoefenen.
Kadastrale inlichtingen of uittreksels kunnen worden aangevraagd bij de gewestelijke directie van het kadaster, bevoegd voor het gebied waar het betrokken onroerend goed ligt.
Directie West-Vlaanderen
Lange Rei 7 - 8000 Brugge
E-mail: dir.kad.west-vl.uittreksels@minfin.fed.be
T: 050/ 44.26.11
F: 050/ 34.13.81
Een kopie van het aanslagbiljet onroerende voorheffing in het kader van logiesdecreet wordt niet aanvaard.
6 VERZEKERING BURGERLIJKE AANSPRAKELIJKHEID
De eigenaar van een vakantiewoning moet enkel beschikken over: een geldige brandverzekering voor zowel het gebouw als de inboedel. De polis moet wel de waarborg 'B.A. Gebouw' bevatten, met dekking van zowel de contractuele als de extracontractuele aansprakelijkheid.
Voor de verhuur van een vakantiewoning, heeft men dus geen polis B.A. Uitbating meer nodig, wat eerder door Toerisme Vlaanderen werd gevraagd!
Volgens het Wetboek van Koophandel is de verhuur van een onroerend goed géén handelsdaad. Daarentegen vormt de verhuur van roerende goederen wel een handelsdaad. Alle uitbaters van kleinschalig logies die één of meerdere bijkomende diensten verstrekken, zijn dus handelaar.
Verhuurders van vakantiewoningen die daarbij géén enkele dienst verlenen, zijn dat niet. Het feit dat zij naast het roerend goed ook onroerende goederen (meubelen, huisraad) verhuren, doet daar in de praktijk geen afbreuk aan. Dit omdat het geheel voor één enkele globale prijs verhuurd wordt.
Inkomsten uit verhuur aan toeristen waarbij geen bijkomende diensten verstrekt worden is, in principe, als een onroerende verhuur te aanzien. Het betreft echter een gemeubelde vakantiewoning? Als er géén ontbijt verstrekt wordt, noch beddengoed of badlinnen, en bovendien slechts na het vertrek van de gasten gepoetst wordt, dan valt de belasting uiteen in twee stukken. Enerzijds de belasting op het 'onroerend inkomen' (huurinkomsten van de vakantiewoning zelf) en anderzijds de belasting op het 'roerend inkomen' (inkomsten van verhuur van de meubels).
Hiervoor zijn specifieke verhoudingsgetallen voorzien: 60% van de huur is 'onroerend inkomen' en moet niet afzonderlijk gemeld worden aan de fiscus. Dat zit vervat in het kadastraal inkomen. Op dit kadastraal inkomen wordt u belast, ongeacht of u de woning verhuurt of niet. De verhuurinkomsten van de meubels moet u in principe wel aangeven, en dit wordt geraamd op een 40% van de huur. Daarvan mag de helft worden afgetrokken als kosten voor onderhoud en afschrijving. De resterende 20% moet op de belastingsaangifte worden ingevuld onder de rubriek 'onroerende inkomsten'. Daarop wordt 15% roerende voorheffing berekend.
In aanloop tot de invoering van de verplichting van een EPC bij de verhuur van residentieel vastgoed heeft CIB Vlaanderen het heikele punt van de noodzaak van een EPC bij de verhuur van vakantiewoningen bij Vlaams minister Crevits aangekaart. Aan dit pijnpunt werd tegemoetgekomen. Een EPC voor residentiële gebouwen die verhuurd worden, is slechts verplicht in het geval van gewone huur, voor zover het gaat om een huur van langer dan 2 maand, en in geval van woninghuur. Concreet betekent dit dat er voor vakantiewoningen, waarvan de huurovereenkomsten voor 2 maanden of minder worden afgesloten, geen EPC moet worden aangevraagd.
![]()